The Hollies is een Britse band uit de jaren zestig. Ze behoorden tot de succesvolste bands uit de "Britse invasie"-periode. De band wordt vaak geassocieerd met Manchester, omdat enkele leden van de band uit (de omgeving van) deze stad komen. De band zou vernoemd zijn naar Buddy Holly. Bassist Eric Haydock en zanger Allan Clarke hebben echter in interviews met BBC-radio aangegeven dat zij hun band hadden vernoemd naar de hulst (Engels: holly). De hulst werd gebruikt als kerstversiering in de kleedkamer van de club The Oasis, waar de band in december 1962 hun eerste optreden gaf. The Hollies werd ter plaatse bedacht om te kunnen worden aangekondigd. Het feit dat de groep in de jaren '80 om contractuele verplichtingen een lp uitbracht met louter Buddy Holly-covers versterkt het idee dat er een relatie zou zijn tussen Buddy en The Hollies. The Hollies is te herkennen aan de meerstemmige, harmonieuze zang. De groep was hierin duidelijk genspireerd door the Everly Brothers. Veel liedjes uit de begintijd zijn covers van rock-'n-rollhits, maar in de loop der jaren schreven ze vaker hun eigen teksten of werden tekstschrijvers van buitenaf (vooral Graham Gouldman, bekend van 10CC) aangetrokken. In 1962 werd de groep opgericht door zanger Allan Clarke en gitarist Graham Nash. Andere belangrijke leden uit de beginperiode van de band zijn onder andere Tony Hicks (gitaar), Eric Haydock (basgitaar) en Bobby Elliott (drums). Elliott wordt beschouwd als n van de beste Britse drummers. In 1966 werd Haydock vervangen door Bernie Calvert. In het midden van de jaren zestig scoorde de band een hele reeks aan hits, waaronder "I'm Alive", "Look Through Any Window", "I can't let go", "Bus Stop", "Stop Stop Stop", "Dear Eloise" en "Carrie Anne". In 1968 verliet Graham Nash de groep, om samen met David Crosby (uit the Byrds) en Stephen Stills (uit Buffalo Springfield) Crosby, Stills & Nash op te richten. Nash werd vervangen door Terry Sylvester (ex-Swinging Blue Jeans), en the Hollies scoorde met de nieuwe line-up een grote hit met "Sorry Suzanne". Na een album, gevuld met Bob Dylan-covers, bracht the Hollies "He Ain't Heavy... He's my Brother" uit, n van de grootste internationale hits van de groep. In 1971 verliet Clarke tijdelijk de groep. Hij werd vervangen door de Zweedse zanger Mikael Rickfors, met wie de groep onder andere de hit "The Baby" opnam. In 1972 keerde Clarke weer terug met "Long Cool Woman (In a Black Dress)", een Creedence Clearwater Revivalachtig rocknummer, waarin nu juist het handelsmerk van de groep, de 3-stemmige samenzang, ontbreekt. In 1973 kwamen de laatste twee grote hits van de groep uit, "The Day that Curly Billy Shot Down Crazy Sam McGee" (nummer n in Nederland) en "The Air That I Breathe". The Hollies brengt sindsdien sporadisch een album uit en geeft nog steeds concerten, met twee leden uit de originele bezetting: gitarist Tony Hicks en drummer Bobby Elliott (tevens elkaars zwager). In 1983 keerde Graham Nash voor n album terug. Allan Clarke stopte in 2000 met zingen, waarna zijn plaats werd overgenomen door Carl Wayne, leadzanger van The Move. In 2004 overleed Wayne echter aan kanker. Nadat in 2005 vanwege zijn succes voor een BBC-tv-productie ook gitarist/high harmonyvocalist Alan Coates de groep verlaat (1983-2005) treden twee nieuwelingen tot de groep toe: Steve Lauri (gitaar/vocals) en Peter Howarth (vocals/gitaar). Laatstgenoemde was voor die tijd een bekend musicalzanger. Onder invloed van beide jongelingen wordt in de loop van 2005 een volledig nieuwe cd opgenomen die onder de titel "Staying Power" vanaf februari 2006 te koop is. The Hollies heeft een uitgebreide eigen website onder www.hollies.co.uk. "Staying power" is het 25e album in de carrire van de groep. De groep treedt gemiddeld 3 avonden per week op, tot ver over de grenzen van Groot-Brittanni.
The Hollies is een Britse band uit de jaren zestig. Ze behoorden tot de succesvolste bands uit de "B...